|
Sluipwesp nu ook op de trein - www.nieuwsbladtransport.nl (13 april 2011) |
De Waard Transport, ooit pionier in het gecombineerd vervoer tussen Nederland en Italië, heeft een wissellaadbak voor geconditioneerd vervoer ontwikkeld.
Geschikt voor groente en fruit, chemicaliën, bloemen en planten. En voor de sluipwesp.
De investering bedroeg een half miljoen euro. Voor dat geld ontwikkelde De Waard Transport uit Noord-Scharwoude een nieuwe wissellaadbak, geschikt voor het geconditioneerd vervoer over het spoor voor zijn transporten van en naar Italië.
Het speciale is een nieuw aggregaat dat werkt op diesel. Verder zijn de koelbakken uitgerust met een systeem dat de het verloop van het transport perfect kan volgen en een voorziening die de temperatuur controleert. Deze statusbewaking geschiedt via satelliet. De koelbakken, waarop De Waard het octrooi heeft, hebben elk een capaciteit van 38 europallets.
De Waard, een familiebedrijf dat nu zo’n driekwart eeuw bestaat, heeft een eigen vloot van vijftig vrachtauto’s en hoort tot de pioniers in het gecombineerd vervoer. Het bedrijf, dat sinds 1960 op Italië rijdt, begon in 1990 voorzichtig een deel van zijn wegtransporten in trailers tussen de Benelux en Italië op de trein te zetten. Een jaar of zes later kwamen daar de huifbakken bij, waarvan het bedrijf een vloot van honderd stuks in eigendom heeft. Het treinvervoer is in de loop der jaren fors gegroeid. Cees de Waard, directeur van het Noord-Hollandse bedrijf, schat dat nu ruim de helft van alle lading de reis tussen West-Europa en Italië voor een groot deel van het traject per spoor aflegt.
Met de nieuwe wissellaadbakken, waarvan het bedrijf er nu tien in gebruik heeft, mikt De Waard op onder meer chemicaliën, zuivel, groente, fruit en planten en bloemen. Cees de Waard denkt dat de markt voor spoorvervoer van zulke goederen fors zal groeien, omdat de duurzaamheidsgedachte in het verladende bedrijfsleven terrein wint.
‘Zo zijn we dus een duurzame vervoerder geworden zonder daar veel ruchtbaarheid aan te geven’, zegt De Waard onderkoeld. Zijn bedrijf heeft nooit zo van de daken willen schreeuwen dat het aan groene vervoersoplossingen werkte. Wat wel degelijk zo was, want gecombineerd weg-spoorvervoer levert een grote reductie van de CO2-uitstoot op.De Waard heeft nu besloten dit maar eens breed uit te dragen en zich met ingang van 2011 tot groene vervoerder uitgeroepen. Het nieuwe concept is Road2Rail Fresh&CO2 Less gedoopt.
In de nieuwe koelbak, die in Nederland is ontwikkeld en in Italië wordt geproduceerd, is aan de voorzijde aan de bovenkant een koelaggregaat gemonteerd met ernaast een dieseltank, waarin 150 liter kan worden getankt. Dat is voldoende voor koeling gedurende 72 uur en daarmee ruimschoots genoeg voor de treinreis. Voor het voor- en natransport, dat De Waard met eigen vrachtauto’s afwikkelt, zal de tank opnieuw moeten worden gevuld met een speciale plunjerinstallatie. Afhankelijk van het totale traject is 350 à 400 liter diesel nodig.
‘Leg je het hele traject over de weg af, dan kom je gemiddeld op zeker 1.300 kilometer uit. In dat geval verbruik je iets meer dan die 400 liter diesel’, rekent De Waard voor. Wat de brandstof betreft, zal gecombineerd vervoer dus regelmatig een besparing opleveren. ‘En naarmate diesel duurder wordt, neemt dit voordeel toe.’
Voor het spoortraject schakelt De Waard twee spooroperators in, en wel Hupac en Shuttlewise. Op hen drukt, zeker voor wat het koelvervoer betreft, een aanzienlijke verantwoordelijkheid. Er moet immers geen enigzins aanzienlijke vertraging optreden, want dan raakt de diesel voor het aggregaat opgebruikt. Maar De Waard heeft alle vertrouwen in de diensten van beide bedrijven. In Nederland levert De Waard lading voor de treinen af in Rotterdam en Venlo, waar de treinen van Shuttlewise sinds enige tijd een tussenstop maken. In Noord-Italië wordt overgeladen op de terminals in Novara en Verona. Nabij Verona hebben de West-Friezen een eigen vestiging, die de hele operatie van Italiaanse kant kan uitvoeren.Een heel bijzonder transport naar Italië, dat De Waard al sinds vele jaren voor zijn rekening neemt, is dat van sluipwespen. De in Nederland gekweekte diertjes, die in de land- en tuinbouw worden ingezet bij de ongediertebestrijding, gaan nu geconditioneerd met koelauto’s naar de Italiaanse afnemers. Zouden ze nu, met de introductie van de koelbak, de reis ook kunnen maken over het spoor? Cees de Waard denkt hier twee seconden over na. ‘Jazeker’, zegt hij.
Het bedrijf heeft een paar moeilijke jaren achter de rug als gevolg van de crisis, zegt De Waard. Omzetdalingen van 10 tot 20 procent gaan niet in de koude kleren zitten. De Waard: ‘Daar kwam ook een forse prijsdruk bij, want de concurrentie nam aanzienlijk toe. Die concurrentie komt nu vaak van expediteurs die een eigen dienst beginnen met Oost-Europese chauffeurs.’ ‘Er valt bijna niet meer aan te ontkomen van de diensten van Oost-Europeanen gebruik te maken. Het West-Europese prijspeil is domweg te hoog. Nog afgezien van de rij- en rusttijden, die steeds knellender worden. Zelf hebben we nu op twintig auto’s ook chauffeurs uit Litouwen rijden. Ze spreken Duits en Engels en soms een klein beetje Italiaans, waarmee ze zich behoorlijk kunnen redden.’
Klik hier om dit artikel op www.nieuwsbladtransport.nl te lezen
|
|